Je bekijkt nu Trots op Mijn Verleden

Trots op Mijn Verleden

Ik ben trots op mijn verleden.
Ook op de delen die lang verborgen bleven achter strengheid, hardheid en controle.
De delen van mij die altijd dachten dat ik sterker moest zijn, beter moest doen, sneller
moest genezen.
Alsof zachtheid geen plaats mocht krijgen.

Maar vandaag zie ik ook dat die hardheid ooit bescherming was.
Een manier om te overleven.
Een schild rond een oud stuk van mij
dat eigenlijk alleen gezien wilde worden.

En wanneer ik dat oude deel eindelijk erken,
voel ik iets diepers bewegen.
Iets dat zich heel lang heeft teruggetrokken.
Heel stil.
Heel ver weg.
Wachtend op toestemming om opnieuw te bestaan.

Ik denk aan mijn oma en opa.
Aan de generaties vóór mij.
Hoe zij leefden met tekorten, met sparen, met zorgen,
met overleven als dagelijkse realiteit.
Hoe weinig ruimte er soms was
om echt stil te staan bij zichzelf,
bij hun gevoelens,
bij hun diepste verlangens.

En toch hebben zij gedragen.
Doorgegeven.
Volgehouden.

Misschien zouden zij het leven vandaag anders willen beleven
als ze hadden gekend wat wij nu voelen en begrijpen.
Misschien verlangden zij ook naar zachtheid, vrijheid en vreugde,
maar hadden ze daar de ruimte niet voor.

En daarom mag ik trots zijn
dat ik het anders probeer te doen.
Dat ik de vreugde opnieuw toelaat.
Dat ik luister naar wat gevoeld wil worden.
Dat ik erkenning geef aan alles wat zij hebben meegemaakt.

Niet om vast te blijven zitten in het verleden,
maar om het eindelijk een plaats te geven
in het diepste van mijn hart.

Met respect.
Met waardigheid.
Met dankbaarheid.

Zodat wat ooit verborgen was onder pijn, schaamte of misbruik,
langzaam mag terugkeren naar zijn oorspronkelijke kracht.

Naar het wezen van de kern.
Naar iets heiligs dat niet kapot is gegaan,
maar wachtte om opnieuw geopend te worden.